De tongriem (frenulum linguae) is het membraan waarmee de tong vastzit aan de bodem van de mond. Van ankyloglossia spreekt men als de tongriem erg strak of kort is of als deze tot dicht bij de tongpunt doorloopt. Een korte tongriem (ankyloglossia, ‘tong tie’, frenulum breve) kan leiden tot een beperkte mobiliteit van de tong. Dit kan zorgen voor problemen bij de borstvoeding en bij het drinken uit een fles. Het is belangrijk deze aandoening tijdig te herkennen, om verdere problemen met de borstvoeding en onnodig overstappen op kunstmatige zuigelingenvoeding te voorkomen. Met het klieven van de korte tongriem kunnen tevens voor de langere termijn diverse problemen worden voorkomen, die niet specifiek met borstvoeding te maken hebben. Te denken valt aan ademhalingsstoornissen, problematische mondmotoriek, ongunstige gehemeltevorming, snurken, tandbederf en spraakproblemen.
Diagnostische criteria
Standaard diagnostische criteria voor ankyloglossia ontbreken. Uit de onderzoeken blijkt dat mogelijk 3 tot 13% van de zuigelingen ankyloglossia heeft1;4. De uitgebreidheid van de aanhechting, maar ook de dikte en de elasticiteit van de tongriem kunnen sterk variëren. Hierdoor is het lastig om vast te stellen wanneer er sprake is van een korte tongriem die op de korte of lange termijn tot problemen kan leiden. Daarbij is het belangrijk wat het effect van de tongriem op de tongfunctie en –mobiliteit is1. Een korte tongriem is zichtbaar door (zie ook figuur 1):
-
aanhechting dicht bij de tongpunt;
-
vervorming van de tong tot V-vorm bij optillen;
-
vervorming van de tong tot een hartvorm bij uitsteken.
Dit zijn de meest karakteristieke vervormingen van de tong in geval van ankyloglossia. Er zijn diverse andere, minder zichtbare vormen van ankyloglossia. Deze kunnen eveneens tot functiebeperking aanleiding geven. Ook deze vormen verdienen zorgvuldige aandacht van, en zo nodig doorverwijzing door de zorgverlener.
Korte tongriem en drinken door de zuigeling
Bij zuigelingen bemoeilijkt een korte tongriem zowel het drinken aan de borst als het drinken uit een fles.
Symptomen die bij de zuigeling kunnen optreden zijn:
-
luidruchtig drinken met een klakkend geluid;
-
frequent loslaten van de borst of de fles, doordat de baby geen vacuüm kan houden;
-
niet kunnen pakken van de borst met als gevolg onvoldoende inname en continu willen drinken;
-
‘failure to thrive’ (slecht groeien en gedijen).
Symptomen bij de moeder
Symptomen die bij de moeder kunnen optreden zijn2;4:
-
tepelpijn en/of tepelkloven;
-
stuwing of juist onvoldoende melkproductie;
-
mastitis.
Behandeling
-
De behandeling van de korte tongriem bestaat uit frenulotomie. Hierbij wordt de tongriem, die vaak uit slechts een zeer dun vliesje bestaat, tot de tongbasis doorgeknipt. Bij voorkeur gebeurt dit vóór de leeftijd van drie maanden. Het is een korte en meestal nagenoeg bloedeloze ingreep. Deze kan voor het voeden binnen enkele seconden zonder problemen en zonder narcose worden verricht. De baby kan daarna meteen aan de borst worden gelegd.
-
Zelden is er sprake van een zo ernstige vorm van een korte tongriem, dat een uitgebreidere chirurgische ingreep onder algehele anesthesie nodig is.
-
Verschillende studies hebben aangetoond dat na een frenulotomie de zuigtechniek bij de borstvoeding verbetert in geval van ankyloglossia. Bij de moeder nemen de pijnklachten af1;2;3;4.
Verantwoordelijke zorgverleners
Het beleid rondom een korte tongriem in relatie tot borstvoedingsproblemen behoort tot het domein van de volgende zorgverleners:
-
jeugdgezondheidszorg;
-
kinderartsen;
-
KNO-artsen;
-
kraamverzorgenden;
-
lacatiekundigen;
-
(verloskundig actieve) huisartsen
-
verpleegkundigen
-
verloskundigen.